Over Ons
De Vegetariërsbond wil iedereen laten proeven van de geheimen van de vegetarische keuken. Wij helpen mensen en bedrijven bij hun keuze voor lekker, gezond en bewust vegetarisch eten.
Dit doen we door het geven van tips en informatie en het organiseren van evenementen. Zo laten we duizenden mensen proeven hoe lekker vegetarisch eten kan zijn.
Zo dragen we bij aan een betere wereld. Doe je mee?

Lees meer over ons en doe mee

Vegetariërsbond FacebookVegetariërsbond Twitter
30 dagen vegetarisch

Download de Factsheet Consumptiecijfers en aantallen vegetariërs (PDF)



In dit facsheet zet de Vegetariersbond de cijfers van (geen) vlees eten op een rijtje uit
representatieve steekproeven.


 

Desgevraagd zijn er meer niet-vleeseters gekomen de laatste decennia

Onderzoek naar de vleesconsumptie in Nederland, waar ook uit afgeleid kan worden hoeveel vegetariërs er zijn, wordt van overheidswege gedaan door het RIVM  (Voedselconsumptiepeilingen) en het Landbouw Economisch Instituut (LEI). Daarnaast laten ook verschillende belangengroeperingen (Natuur en Milieu,   Voedingscentrum en Milieu Centraal) onderzoek doen naar vleesconsumptie. Bij de consumptiepeilingen van het RIVM is de groep ‘vegetariërs, veganisten, macrobioten en antroposofen’ in drie jaar tijd toegenomen van 1,1% naar 4,4%. Het LEI constateert dat het aantal niet-vleeseters licht is toegenomen: van 3,9 procent in 2010 naar 4,5 procent in 2012. Milieu Centraal kan een langer tijdsbeeld schetsen: al in 2000 heeft deze voorlichtingsorganisatie de vraag door TNS NIPO laten onderzoeken en in 2013 nog een keer. Het percentage mensen dat zei nooit vlees te eten steeg in die periode van 1,8 naar 2,3%. Tel je het aantal mensen dat aangeeft vrijwel nooit vlees te eten hier bij op, dan kom je in beide jaren op 4%.  Er zitten verschillen tussen de cijfers. Hoe kan dat? Het is wellicht deels te verklaren door de scope: het RIVM kijkt naar de hele dag, TNS NIPO alleen naar de warme maaltijd, en bij het LEI is dat niet helemaal duidelijk. En de definitie verschilt: het RIVM telt de zelfbenoemde vegetariërs (inclusief veganisten, macrobioten en antroposofen), TNS NIPO en het LEI vragen alleen naar vleesconsumptie. In ieder geval mag je percentages van verschillende onderzoeken nooit met elkaar vergelijken, omdat de vraagstelling en scope kunnen verschillen. Een conclusie die uit alle  drie de onderzoeken naar voren komt, is dat het percentage mensen dat (vrijwel) nooit vlees eet laag is (minder dan 5%), maar wel stijgende. Afhankelijk van je definitie van een vegetariër (wel vis? alleen geen vlees bij de warme maaltijd?), kun je uit deze cijfers een inschatting maken van het aantal vegetariërs. Die ligt in Nederland tussen de 4 en 5%. 
 

Dit klopt met de cijfers van de vleesconsumptie….

Om de vleesconsumptie te bepalen, kun je drie methodes gebruiken:
1. Aankoopcijfers (GfK). GFK-data zijn gebaseerd op de aankopen van levensmiddelen bij de detailhandel in Nederland door een panel van 6.000 personen. Deze cijfers hebben we niet, die moet je namelijk voor veel geld aankopen bij GfK.
2. Consumptiecijfers (RIVM): van 39,1 kg pppj in 2012 naar 36,1 kg pppj in 2014
3. Voorzieningsbalansen (tot de opheffing in 2012 deed het Productschap Vee, Vlees en eieren dat, daarna de WUR/LEI). De gecorrigeerde cijfers zijn: van 40,2 kg pppj in 2005 naar 37,7 kg pppj in 2015.

Ook hier verschillen de cijfers, maar in aanmerking genomen dat ze op heel verschillende wijze tot stand zijn gekomen, liggen ze toch opmerkelijk dicht bij elkaar. Overigens zitten in deze cijfers ook de mensen die geen vlees eten (vegetariërs en veganisten). De gemiddelde vleesconsumptie van mensen die vlees eten, ligt daarom iets hoger, niet op 99 maar op 112 gram pppd (in 2014). Het advies van het Voedingscentrum is om niet meer dan 500 gram vlees per week te eten. De huidige consumptie ligt daar met 785 gram per week dus ruim een factor 1,5 boven.
 

…. en het aantal bewust vleesloze dagen

Net als bij onderzoeken naar het aantal vegetariërs variëren de percentages flexitariers naar  gelang je definitie en afbakening. Variabelen hierin zijn:

  • Aantal dagen geen vlees (variërend van minimaal één tot 3 dagen of meer);
  • Alleen warme maaltijd, of ook ontbijt, lunch en tussendoor;
  • Alleen vlees of ook vleeswaren en vis.

Als je naar trends kijkt, is dat dan ook alleen zinvol bij onderzoeken die hetzelfde zijn opgezet. Maar ongeacht de afbakening en definitie laten alle onderzoeken een stijging zien van het aantal mensen dat zegt niet dagelijks vlees te eten: zo’n 12% sinds begin deze eeuw. Conclusie uit de meest recente cijfers: tweederde van de Nederlanders eet niet elke dag vlees of vis. Ruim de helft van de Nederlanders eet 3 of meer dagen per week geen vlees bij de warme maaltijd. Opmerkelijk is dat ondervraagden aangeven vlees vooral te vervangen door andere dierlijke producten: vis, kaas en ei.
 

Kortom 

In Nederland lijkt een gestage daling ingezet naar minder vlees. We zitten nu op zo’n 38 kg pppj.
Dat is nog steeds ver boven het wereldgemiddelde (zo’n 21 kg pppj). Zorgwekkend is dat de
vleesconsumptie wereldwijd een stijgende lijn vertoont, waar voorlopig geen eind aan zal
komen.

Download de Factsheet Consumptiecijfers en aantallen vegetariërs (PDF)