Voor de gerookte aubergine
1. Plaats de aubergines direct op een gaspit op middelhoog vuur en rooster ze 40 tot 45 minuten, tot de schil zwartgeblakerd is en de binnenkant zacht. Snijd de aubergines in de lengte in met een mes en schep met een lepel al het vruchtvlees eruit. De geblakerde schil gebruiken we niet. Meng in een kom de aubergine met 1 eetlepel olijfolie, de knoflook, het citroensap, ¼ theelepel zeezout en een royale draai zwarte peper.
Voor de za’atarcrumble
2. Verwarm de oven voor op 180 °C (heteluchtstand). Meng het amandelmeel, de bloem, de za’atar, ⅛ theelepel zeezout, een flinke snuf zwarte peper, de olijfolie en het water tot een kruimelig deeg. Verspreid over een bakplaat en bak 10 minuten, tot de kruimels licht goudbruin en krokant zijn. Schep halverwege om.
Voor de koolrabi
3. Breng 1 liter water met een snufje zeezout aan de kook in een soeppan. Voeg de koolrabi toe, doe een deksel op de pan en kook 15 minuten, tot de koolrabi zacht genoeg is om er makkelijk met een vork in te prikken, maar nog wel zijn vorm behoudt. Leg de plakken op een bakplaat, besprenkel met olijfolie, ⅛ theelepel zeezout en een flinke snuf zwarte peper. Rooster 20 minuten in de oven op 200 °C (hete luchtstand), tot de koolrabi goudbruine randjes krijgt.
Voor de tahin
4. Mix de tahin met het zeezout, het bietensap en het citroensap tot een glad geheel. De consistentie moet lijken op die van yoghurt. Is het te dik? Voeg dan wat extra bietensap toe. Is het te dun? Voeg dan wat meer tahin toe.
Om te serveren
5. Leg op een mooi bord een plak geroosterde koolrabi en een flinke lepel van de roze tahin ernaast met een schep van de aubergine. Bestrooi goed met de za’atarcrumble.